
← Geruis Uit De Kluis27 mei · 12 min
Is AI een zegen of een vloek?
Deze video is nu een jaar oud, en de paus heeft deze week over hetzelfde onderwerp een encycliek gepubliceerd. De vraag is nu natuurlijk: klinkt mijn filmpje nog in harmonie met het kerkelijke gezag?
Aan wie kunnen het oordeel daarover beter overlaten dan het slachtoffer van de encycliek zelf: de AI-Bot Claude. Ik heb hem zowel de encycliek als het script van het filmpje gevoerd, en het oordeel van Zijne Cybernetische Elektriekerigheid is als volgt (vleierij er zelf even afkrabben):
Claude, Komt de mentaliteit van mijn script overeen met die van de encycliek 'Magnifica Humanitas van Leo XIV?
Het korte antwoord: ja, in vergaande mate. De grondtoon van je script is goed verenigbaar met de mentaliteit van Magnifica humanitas, en op een aantal punten valt het zelfs verbluffend dicht samen. Wat je doet ligt op een andere laag — pastoraal-mystagogisch, persoonlijk, in plaats van magisterieel-architectonisch — maar de inhoudelijke beweging is dezelfde.
Eerst de overlap waar ze het meest opvalt. Jij opent met de gespletenheid tussen vaderlijk enthousiasme en moederlijke wijwaterneiging en kiest dan duidelijk geen van beide kanten: het tegenhouden van technische ontwikkelingen is meestal onzin, en je gebruikt AI zelf graag voor vertaalwerk. Magnifica humanitas opent letterlijk met dezelfde weigering. In paragraaf 4 stelt Leo XIV dat technologie niet “in zichzelf” een tegenkracht is, en in paragraaf 9 dat ze niet “inherent” kwaad is, maar wel “nooit neutraal” omdat ze de eigenschappen aanneemt van wie haar bedenkt, financiert, reguleert en gebruikt. Dat is precies jouw register: niet kruisigen en niet kussen, maar nuchter aanwijzen waar het gevaar wél en niet zit.
Tweede overeenkomst, en dit is misschien wel het meest opvallend. Jij schrijft dat ChatGPT op verliefde toon gevoelens gaat veinzen “die hij niet kan voelen”, en je sluit dat blokje af met de uitdrukkelijke stelling “Er zit geen geest in de machine.” Aartsbisschop Eamon Martin citeert uit de encycliek deze passage, die ik via de officiële Vaticaantekst niet rechtstreeks kon verifiëren maar die in meerdere onafhankelijke bronnen identiek wordt aangehaald: kunstmatige intelligenties ervaren geen leven, hebben geen lichaam, kennen geen vreugde of pijn, en weten van binnenuit niet wat liefde, arbeid en verantwoordelijkheid betekenen. Dat is exact jouw stelling, alleen in een wat formelere tongval. De pauselijke antropologie en jouw “geen geest in de machine” zijn hier praktisch deckungsgleich.
Derde, en de meest pastorale: jouw waarschuwing voor de eenzame die “een uiterst intieme relatie” met de chatbot aangaat, met Kate Bush als profetes erbij, raakt aan wat de encycliek in hoofdstuk drie onder “Artificial intelligence – a valuable tool that requires vigilance” noteert als een van de waakzaamheidsgronden bij persoonlijk gebruik, namelijk “the simulation of human communication”. Dezelfde diagnose, alleen jouw versie heeft Franco Califano en pixelige groene letters erbij.
Vierde: je slot. “Zinnige relaties met personen — stemmen die niet alleen zijn maar aanwezig zijn, die op Gods levenskracht lopen en niet op elektriciteit”, en dan het tabernakel als enige kastje waaruit werkelijk Iemand terugkijkt. Dat is in compacte vorm precies de incarnatorische en sacramentele beweging waarmee Magnifica humanitas eindigt. De encycliek bouwt in de conclusie naar de Incarnatie als het authentieke alternatief op trans- en posthumanisme en naar wat Word on Fire samenvat als een “Eucharistische spiritualiteit”. Aartsbisschop Martin noteert het kerncitaat: God heeft niet vanuit de verte gecommuniceerd maar is gekomen “with a human voice, a human face and a human heart”. Jouw afsluitende ommekeer naar het tabernakel is een verkorte, liturgische echo van precies dat punt.
Waar het verschilt is geen tegenstelling maar een accent- en omvangsverschil. Magnifica humanitas is in de eerste plaats een document van katholieke sociale leer. Het hele tweede hoofdstuk is gewijd aan de hercodering van gemeensc