
← Vers voor Vers25 Aug · 1 h 48 min
Johannes 1:10‑1:18
Steve Gregg vervolgt zijn bespreking van de proloog van het Johannesevangelie en gaat in op de vraag of Johannes hier al over de menswording spreekt of nog over het Woord dat vóór de vleeswording actief was in de wereld en onder Israël. Hij bespreekt de tussenzinnen over Johannes de Doper, die bedoeld zijn om een overdreven verering van hem te temperen, en legt uit dat de wedergeboorte volgens hem een nieuw voorrecht is dat pas mogelijk werd na de opstanding van Christus en de uitstorting van de Geest. Hij behandelt de betekenis van 'het Woord werd vlees' als een verwijzing naar de tabernakel en laat zien dat Jezus door de menswording beperkingen op Zich nam, zoals onwetendheid en sterfelijkheid, zonder Zijn goddelijke identiteit te verliezen. Verder legt hij uit dat 'vol van genade en waarheid' teruggrijpt op Gods zelfopenbaring aan Mozes in Exodus, en dat gelovigen zelf ook van die volheid ontvangen en steeds meer veranderd worden naar het beeld van Christus. Tot slot bespreekt hij de vertaling van 'eniggeboren' en betoogt hij dat dit beter als 'unieke Zoon' vertaald kan worden, en dat het lezen van de evangeliën bedoeld is om leven aan de lezer over te dragen, niet alleen informatie.