
← Slimmer Presteren Podcasthace 4 días · 1 h 06 min
Motorisch leren volgens Peter Beek: je leert geen bewegingen
Dit is de 278e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit Heijkoop, Jurgen van Teeffelen en Peter Beek het over:
Motorisch leren volgens Peter Beek: je leert geen bewegingenINLEIDING:
Volgens hoogleraar Peter Beek leer je helemaal geen bewegingen. Wat je wel leert, en waarom de aanwijzing van je coach zo vaak niet aankomt.
Kun je je loopstijl dan nog veranderen? En hoe pak je dat slim aan?
Peter Beek is hoogleraar coördinatiedynamica aan de Vrije Universiteit Amsterdam en deed zijn hele loopbaan onderzoek naar leren bewegen. Op 2 oktober houdt hij zijn afscheidsrede. Reden genoeg voor Gerrit Heijkoop en Jurgen van Teeffelen om hem nog één keer alles te vragen.
In deze aflevering: waarom twee broers met hetzelfde DNA totaal anders bewegen, waarom de aanwijzing van je trainer zo vaak niet aankomt, en wat EVI is: externe focus van aandacht, variabiliteit en impliciet leren. Daarna zoomen we in op het loopstijlenspectrum, en op de vraag of je met een slim oordopje je cadans en duty factor echt kunt veranderen.
Vragen die in deze aflevering worden beantwoord: 1. Wat is motorisch leren precies?
Motorisch leren is het proces waarin je een beweging onder de knie krijgt. Volgens Peter Beek leer je daarbij niet één vaste beweging, maar leer je welke oplossingen binnen een taak succesvol zijn. Een darter gooit elke worp net iets anders, met een andere hoek, snelheid en gripkracht, en weet toch meteen of het goed was. Wat hij heeft geleerd, is dus geen bewegingspatroon maar een gevoel voor wat werkt. Het grootste deel van die kennis is impliciet en laat zich niet in woorden vangen.
2. Waarom werkt een aanwijzing van je trainer vaak niet?
Een goede coach ziet haarscherp wat er misgaat. Volgens Beek zit de fout in de vertaalslag daarna: wat de coach ziet, wordt te makkelijk omgezet in een instructie over het lichaam zelf, en die komt niet aan in de belevingswereld van de sporter. Soms landt zo’n aanwijzing wel, maar vaker niet, of maar heel even. Aanwijzingen die het effect van de beweging beschrijven werken beter, omdat de sporter daar zelf een oplossing bij kan zoeken.
3. Wat betekent EVI in de sport?
EVI is een ezelsbruggetje voor drie leermethoden die volgens Beek beter werken dan herhalen en expliciet instrueren. De E staat voor externe focus van aandacht: richt je op het effect van je beweging in plaats van op je lichaam. De V staat voor variabiliteit, want zonder variatie weet je niet welke oplossingen werken. De I staat voor impliciet leren, bijvoorbeeld via beelden of een aangepaste omgeving. Die drie versterken elkaar en zijn goed te combineren.